"INNOVATIEF KANKERONDERZOEK
IS VAN LEVENSBELANG."

HET PATIENT-DERIVED TUMOR XENOGRAFTPLATFORM (TRACE)

Het 'Patient-Derived Tumor Xenograftplatform', TRACE, is het eerste project waarvoor het fonds financiering zoekt. Het is een veelbelovende onderzoekslijn die de afstand tussen het labo en de patiënt kleiner maakt.

Om een persoonsgerichte therapie te kunnen ontwikkelen, hebben onderzoekers zoveel mogelijk informatie nodig over de tumor zelf. Ze hebben hiervoor betere proefmodellen nodig. Daarom hebben de Leuvense onderzoekers in 2012 een vernieuwend project opgestart, gebaseerd op het gebruik van ‘xenograftmodellen’. Een xenograftmodel is een testmodel waarbij weefsel van een patiënt ingeplant wordt bij een ander organisme.

Meer informatie vindt u op de TRACE-website. Onderzoeksleider is professor Frédéric Amant.

Door menselijk tumorweefsel in te planten in muizen, kunnen de oncologen een tumor onderzoeken en behandelen met dezelfde structuur en ontwikkeling als een tumor die groeit in een mens. Dit proefmodel staat dus heel dicht bij de patiënt.

De wetenschappers zoeken in de genetische en andere eigenschappen van de tumor ‘biomerkers’ die gelinkt kunnen worden aan therapieën die beloftevol zijn of hun succes reeds bewezen hebben. Deze therapieën worden uitgetest op de muizen die de tumoren dragen. Wanneer een geneesmiddel werkt bij een muis, is er een goede kans dat deze therapie ook zal aanslaan bij de patiënt. Als dat het geval is, kunnen nieuwe patiënten met een tumor met dezelfde biomerker snel en gericht geholpen worden.

Illustratie: het microscopisch beeld van baarmoederkanker bij de mens (foto 1) gelijkt heel sterk op de tumor die in een muizenmodel groeit (foto 2). Ook bij andere tumortypes stellen we deze gelijkenis vast.

Professor Amant: "De mogelijkheden van het Tumor Xenograftmodel zijn veelbelovend. We willen zoveel mogelijk tumortypes onderzoeken. Met deze kennis kunnen we therapieën ‘op maat’ ontwikkelen, therapieën die elke patiënt de beste kansen bieden en ook minder bijwerkingen hebben.“

TECHNISCH PROCES

Een gedeelte van de tumor die verwijderd is bij de patiënt, wordt meteen na de operatie overgebracht naar het labo. Onderzoekers versnijden het materiaal, bewaren een gedeelte van de tumor en planten de andere deeltjes in bij enkele proefmuizen. De tumor kan dan groeien in de muizen. Ongeveer 70% van de tumoren groeit ook effectief. De tumoren worden twee keer overgeplant in nieuwe muizen, om voldoende weefsel te hebben voor verder onderzoek.

Intussen worden ook de genetische kenmerken van de tumor bepaald. Op basis hiervan wordt doelgerichte medicatie gekozen. De onderzoekers kunnen dan bestuderen hoe de betrokken tumor reageert op die specifieke behandeling. Gunstige resultaten in het muismodel zijn beloftevol voor de werking van de therapie bij de patiënt.

Onderstaand wetenschappelijk schema illustreert het proces (naar Tentler JJ et al. Nature Reviews Clinical Oncology, 2012).